
De vraag of stichtingen en andere non-profitorganisaties verplicht zijn een ondernemingsraad in te stellen, zorgt regelmatig voor verwarring. Veel bestuurders van stichtingen denken dat zij vanwege hun non-profitstatus automatisch zijn vrijgesteld van de OR-plicht, maar dat is niet altijd het geval. De Wet op de ondernemingsraden (WOR) maakt namelijk geen onderscheid tussen commerciële bedrijven en non-profitorganisaties.
De beslissende factor voor de OR-plicht is niet de rechtsvorm of het doel van de organisatie, maar het aantal werknemers en de aard van de werkzaamheden. Ook stichtingen, verenigingen en andere non-profitorganisaties kunnen dus onder de OR-plicht vallen wanneer zij aan bepaalde criteria voldoen.
Geldt de OR-plicht ook voor stichtingen en andere non-profitorganisaties?
Ja, de OR-plicht geldt ook voor stichtingen en non-profitorganisaties wanneer zij in de regel 50 of meer personen in dienst hebben. De WOR maakt geen onderscheid tussen commerciële ondernemingen en non-profitorganisaties. Elke ondernemer die een onderneming in stand houdt met in de regel 50 of meer werknemers, is verplicht een ondernemingsraad in te stellen. Bij deze telling gelden ook parttime werknemers, tijdelijke krachten en stagiairs mee. De verplichting blijft ook van kracht wanneer het aantal medewerkers fluctueert en soms net boven of net onder de grens van 50 uitkomt.
Dit betekent dat grote stichtingen, verenigingen, zorginstellingen en andere non-profitorganisaties dezelfde medezeggenschapsverplichtingen hebben als commerciële bedrijven. De rechtsvorm van de organisatie is niet bepalend voor de OR-plicht, maar wel het aantal personen dat er werkzaam is. Ook vrijwilligers kunnen onder bepaalde omstandigheden meetellen voor het minimumaantal, namelijk wanneer zij structureel werkzaamheden verrichten die normaal gesproken door werknemers worden uitgevoerd.
De ondernemingsraad is een wettelijk verankerd orgaan dat alle in de onderneming werkzame personen vertegenwoordigt in het overleg met de ondernemer en invloed uitoefent op belangrijke bedrijfsbeslissingen. De OR behartigt daarbij zowel de belangen van werknemers als de belangen van de onderneming zelf. Voor stichtingen en non-profitorganisaties gelden dezelfde rechten en plichten als voor commerciële ondernemingen. De belangrijkste rechten van de OR zijn het informatierecht, het instemmingsrecht, het adviesrecht en het initiatiefrecht. Ook de faciliteiten voor OR-leden, zoals scholingstijd en vergaderruimte, moeten door de organisatie worden geregeld.
Wat zijn de uitzonderingen op de OR-plicht voor non-profitorganisaties?
Er bestaan enkele specifieke uitzonderingen op de OR-plicht voor bepaalde typen non-profitorganisaties. Organisaties die primair zijn gebaseerd op een levensbeschouwelijke of politieke grondslag kunnen onder bepaalde voorwaarden vrijstelling krijgen. Ook onderwijsinstellingen hebben vaak andere medezeggenschapsregelingen die voorrang hebben op de WOR.
De belangrijkste uitzonderingen zijn:
- Levensbeschouwelijke organisaties: Kerken, moskeeën, synagogen en andere religieuze instellingen kunnen vrijstelling aanvragen wanneer de OR-plicht in strijd zou zijn met hun religieuze overtuigingen.
- Politieke organisaties: Politieke partijen en aanverwante organisaties kunnen onder bepaalde omstandigheden worden vrijgesteld.
- Onderwijsinstellingen: Scholen en universiteiten vallen vaak onder specifieke onderwijswetgeving met eigen medezeggenschapsregelingen.
- Zeer kleine organisaties: Stichtingen met minder dan 50 werknemers hebben geen OR-plicht, maar kunnen wel kiezen voor alternatieve vormen van medezeggenschap.
Let op: deze uitzonderingen gelden niet automatisch. Een organisatie moet actief een beroep doen op de uitzondering en kan daarbij worden getoetst door de bedrijfscommissie. Bovendien betekent een uitzondering op de OR-plicht niet dat er helemaal geen vorm van medezeggenschap hoeft te zijn.
Welke alternatieve vormen van medezeggenschap bestaan er voor stichtingen?
Stichtingen zonder OR-plicht kunnen kiezen uit verschillende alternatieve vormen van medezeggenschap die beter passen bij hun organisatievorm en cultuur. De meest gebruikte alternatieven zijn een personeelsvertegenwoordiging (PVT), een personeelsvergadering of een aangepaste overlegstructuur die is afgestemd op de specifieke behoeften van de organisatie.
De belangrijkste alternatieven zijn:
- Personeelsvertegenwoordiging (PVT): Voor organisaties met 10 tot 50 werknemers, met beperktere bevoegdheden dan een volwaardige OR.
- Personeelsvergadering: Alle werknemers komen samen om zaken te bespreken; geschikt voor kleinere organisaties.
- Werkoverleg: Regelmatig gestructureerd overleg tussen bestuur en werknemersvertegenwoordigers.
- Adviescommissies: Specifieke commissies voor bepaalde onderwerpen, zoals arbeidsomstandigheden of personeelsbeleid.
- Cliëntenraden: Voor zorginstellingen, waarbij cliënten medezeggenschap hebben naast of in plaats van werknemers.
Deze alternatieve vormen bieden vaak meer flexibiliteit dan een formele OR en kunnen beter aansluiten bij de specifieke cultuur en werkwijze van een stichting. Ze kunnen ook worden gecombineerd, bijvoorbeeld een PVT voor personeelszaken en een aparte cliëntenraad voor zorginhoudelijke onderwerpen.
Hoe stel je medezeggenschap in bij een stichting zonder OR-plicht?
Het instellen van medezeggenschap bij een stichting zonder OR-plicht begint met het maken van duidelijke afspraken over de vorm, bevoegdheden en werkwijze van het medezeggenschapsorgaan. Deze afspraken leg je vast in een reglement dat door zowel het bestuur als de werknemers wordt goedgekeurd.
De stappen voor het instellen van medezeggenschap zijn:
- Bepaal de juiste vorm: Kies tussen een PVT, personeelsvergadering of een aangepaste overlegvorm op basis van organisatiegrootte en -cultuur.
- Stel een reglement op: Beschrijf de samenstelling, bevoegdheden, verkiezingsprocedure en overlegstructuur.
- Organiseer verkiezingen: Zorg voor een democratische verkiezing van vertegenwoordigers wanneer je kiest voor een PVT.
- Regel faciliteiten: Zorg voor vergaderruimte, tijd voor overleg en eventuele scholingsmogelijkheden.
- Start met overleg: Plan regelmatige overlegmomenten en stel een agenda op voor de eerste bijeenkomsten.
Het is belangrijk om van tevoren helder te maken welke onderwerpen wel en niet besproken kunnen worden en welke beslissingsbevoegdheid het medezeggenschapsorgaan heeft. Ook moet je afspraken maken over de frequentie van overleg en de manier waarop informatie wordt gedeeld.
Wanneer moet een stichting alsnog een ondernemingsraad instellen?
Een stichting moet alsnog een ondernemingsraad instellen wanneer het aantal werknemers structureel boven de 50 uitkomt, ook als de organisatie aanvankelijk niet onder de OR-plicht viel. Dit geldt ook voor stichtingen die eerder een uitzondering hadden, maar waarvan de omstandigheden zijn veranderd.
Specifieke situaties waarin OR-plicht ontstaat:
- Groei van de organisatie: Wanneer een stichting groeit en in de regel meer dan 50 werknemers heeft.
- Wijziging van activiteiten: Als de stichting commerciële activiteiten gaat ontplooien naast haar ideële doelstellingen.
- Fusie of overname: Bij samenvoeging met andere organisaties waardoor het totale aantal werknemers boven de 50 uitkomt.
- Wegvallen van uitzondering: Wanneer een eerder verkregen uitzondering op grond van levensbeschouwelijke bezwaren niet langer geldt.
De OR-plicht ontstaat niet onmiddellijk, maar moet binnen een redelijke termijn worden nagekomen. Stichtingen hebben meestal enkele maanden de tijd om de overgang naar een volwaardige OR te realiseren. Het is verstandig om tijdig te beginnen met de voorbereidingen, omdat het opzetten van een OR tijd kost en de juiste procedures moeten worden gevolgd.
Hoe MZ Services helpt met medezeggenschap voor stichtingen
Wij begrijpen dat medezeggenschap voor stichtingen en non-profitorganisaties unieke uitdagingen met zich meebrengt. Als flexibele partner bieden wij persoonlijk advies dat aansluit bij jouw specifieke situatie en organisatiecultuur. Mz Services ondersteunt ondernemingsraden en andere medezeggenschapsorganen in alle sectoren.
Onze ondersteuning omvat:
- Advies over OR-plicht: Wij helpen bepalen of jouw stichting onder de OR-plicht valt en welke alternatieven mogelijk zijn.
- Maatwerk medezeggenschapsstructuren: Samen ontwikkelen we een vorm van medezeggenschap die past bij jouw organisatie.
- Reglementen en procedures: Wij helpen bij het opstellen van heldere reglementen en overlegstructuren.
- Training en begeleiding: Zowel voor bestuurders als medezeggenschapsorganen bieden wij gerichte trainingen.
- Ondersteuning bij overgang: Begeleiding bij de overgang van alternatieve medezeggenschap naar een volwaardige OR.
Met bijna 20 jaar ervaring in medezeggenschap begrijpen wij de specifieke behoeften van stichtingen en non-profitorganisaties. Neem contact met ons op voor een vrijblijvend gesprek over de mogelijkheden voor jouw organisatie.
