
Als de bestuurder jou als ondernemingsraad pas betrekt op het moment dat een besluit al vrijwel vaststaat, heeft hij zijn wettelijke verplichting geschonden. Het adviesrecht van de OR vereist dat je tijdig wordt geraadpleegd, zodat jouw advies nog wezenlijke invloed kan hebben op de uitkomst. In dit artikel lees je wat de wet zegt, welke stappen je kunt zetten en hoe je dit in de toekomst voorkomt.
Wat zegt de WOR over het moment van raadpleging?
De Wet op de ondernemingsraden (WOR) bepaalt dat de bestuurder de OR om advies moet vragen voordat een besluit definitief wordt genomen, en wel op een moment waarop het advies nog van wezenlijke invloed kan zijn. Dat betekent: niet als de handtekeningen al bijna gezet zijn, maar in een fase waarin de OR de richting van het besluit nog echt kan beïnvloeden.
Het adviesrecht geldt voor een breed scala aan belangrijke besluiten, zoals reorganisaties, fusies, het overdragen van zeggenschap, grote investeringen en wijzigingen in de organisatiestructuur. De bestuurder is verplicht alle relevante informatie te verstrekken die de OR nodig heeft om een goed onderbouwd advies te kunnen geven. Dat informatierecht is geen bijzaak: zonder volledige informatie kan de OR zijn rol als volwaardige gesprekspartner simpelweg niet vervullen.
De wet stelt ook een minimale wachttermijn: nadat de OR advies heeft uitgebracht, moet de bestuurder in principe een maand wachten voordat hij het besluit uitvoert. Die termijn geeft de OR de ruimte om, als het advies niet wordt opgevolgd, eventuele vervolgstappen te overwegen. Je kunt meer lezen over de verschillende rechten en bevoegdheden van de OR via het overzicht van thema’s binnen medezeggenschap.
Hoe herken je of je te laat bent betrokken?
Je bent te laat betrokken als de bestuurder jou om advies vraagt terwijl het besluit in de praktijk al vaststaat. Herkenbare signalen zijn: de bestuurder communiceert het besluit al intern of extern, de uitvoering is al gestart, er zijn al contracten getekend, of de adviesaanvraag bevat geen echte keuzemogelijkheden meer.
Let ook op de manier waarop de adviesaanvraag is geformuleerd. Als er geen alternatieven worden gepresenteerd, als de tijdlijn extreem krap is of als de bestuurder aangeeft dat “de beslissing al genomen is maar de OR nog formeel advies moet geven”, zijn dat duidelijke signalen dat het adviesproces niet serieus wordt genomen.
Andere waarschuwingstekens zijn:
- Medewerkers horen het nieuws eerder dan de OR
- De adviesaanvraag is vaag of onvolledig gedocumenteerd
- De bestuurder geeft aan dat er “geen tijd is voor een uitgebreid traject”
- Externe partijen, zoals een nieuwe samenwerkingspartner of overnemer, zijn al op de hoogte
Wat zijn de juridische gevolgen voor de bestuurder?
Als de bestuurder de OR te laat of helemaal niet betrekt bij een adviesplichtig besluit, kan de OR het besluit aanvechten bij de Ondernemingskamer van het gerechtshof Amsterdam. De Ondernemingskamer kan dan oordelen dat de bestuurder niet heeft gehandeld zoals van een redelijk bestuurder verwacht mag worden, en kan het besluit terugdraaien of opschorten.
Dit is geen theoretisch risico. De Ondernemingskamer neemt dit soort zaken serieus en heeft in het verleden meerdere keren geoordeeld dat besluiten ongedaan gemaakt moesten worden omdat de medezeggenschap niet correct was betrokken. Voor de bestuurder betekent dit reputatieschade, vertraging en in sommige gevallen aanzienlijke kosten.
Belangrijk om te weten: de OR heeft een termijn van één maand na ontvangst van de definitieve beslissing van de bestuurder om naar de Ondernemingskamer te stappen. Wacht je langer, dan vervalt dit recht in de meeste gevallen. Snel handelen is dus essentieel.
Hoe reageert de OR strategisch op een afgerond besluit?
Als je constateert dat je te laat bent betrokken, is de eerste stap het schriftelijk vastleggen van jouw bezwaar. Geef in een formele reactie aan dat de adviesaanvraag niet voldoet aan de wettelijke vereisten en dat je het adviesrecht als geschonden beschouwt. Dit is niet alleen principieel juist, het legt ook een juridisch fundament voor eventuele vervolgstappen.
Strategisch gezien heb je daarna meerdere opties:
- Weiger het advies uit te brengen zolang de informatie onvolledig is of de tijdlijn onredelijk is. Vraag schriftelijk om aanvullende informatie en een reële reactietermijn.
- Breng een negatief advies uit en onderbouw dit inhoudelijk. Zo maak je duidelijk dat de OR zijn rol serieus neemt, ook al is de uitkomst al deels bepaald.
- Stel een overleg in met de bestuurder om de gang van zaken te bespreken en afspraken te maken over hoe het in de toekomst anders moet.
- Overweeg juridische stappen als het besluit ingrijpend is en de bestuurder niet bereid is het proces te corrigeren.
Welke route je kiest, hangt af van de ernst van de situatie, de relatie met de bestuurder en het belang van het besluit voor de medewerkers. Soms is een stevig gesprek effectiever dan een juridische procedure. Soms is het omgekeerde het geval.
Wanneer is een beroep bij de Ondernemingskamer zinvol?
Een beroep bij de Ondernemingskamer is zinvol als het besluit een grote impact heeft op medewerkers, als de bestuurder structureel de medezeggenschap negeert, of als overleg geen resultaat oplevert. De Ondernemingskamer is een zwaar middel, maar soms het enige effectieve middel om de rechten van de OR te handhaven.
Ga naar de Ondernemingskamer als:
- Het besluit adviesplichtig is en de OR aantoonbaar te laat of niet is betrokken
- De bestuurder het negatieve advies van de OR naast zich neerlegt zonder zwaarwegende redenen
- De gevolgen voor medewerkers groot zijn, zoals bij een reorganisatie, sluiting of fusie
- Intern overleg geen beweging heeft opgeleverd
Schakel bij voorkeur een gespecialiseerde advocaat in die ervaring heeft met medezeggenschapsrecht. De procedure bij de Ondernemingskamer is formeel en de termijnen zijn strikt. Een goede voorbereiding is cruciaal. Voor inhoudelijke ondersteuning bij het opbouwen van jouw positie als OR kun je ook kijken naar de adviesdiensten die beschikbaar zijn.
Hoe voorkom je dat dit de volgende keer opnieuw gebeurt?
De beste manier om te voorkomen dat de OR opnieuw te laat wordt betrokken, is het maken van concrete afspraken met de bestuurder over het medezeggenschapsproces. Leg vast in welke fase van een besluitvormingstraject de OR wordt geraadpleegd, welke informatie standaard wordt aangeleverd en wat de minimale doorlooptijd is voor een adviestraject.
Praktische stappen die je als OR kunt zetten:
- Maak een medezeggenschapsconvenant: een schriftelijke afspraak met de bestuurder over het advies- en instemmingsproces
- Vraag om een jaarplanning: zo weet je welke besluiten er aankomen en kun je proactief je rol opeisen
- Organiseer regelmatig overleg met de bestuurder, ook buiten formele adviesaanvragen om, zodat je vroegtijdig signalen opvangt
- Investeer in kennis: OR-leden die hun rechten goed kennen, zijn beter in staat om tijdig in te grijpen
Een sterke OR begint bij goed getrainde OR-leden die weten wanneer en hoe ze hun rechten kunnen inzetten. Via open trainingen of een maatwerktrainingsprogramma kun je als OR gericht werken aan die kennis en vaardigheden.
Hoe MZ Services helpt bij te laat betrokken worden
Wij begrijpen hoe frustrerend het is als je als OR voor een voldongen feit wordt gesteld. Tegelijkertijd weten we dat dit soort situaties ook een kans biedt: om de positie van de OR te versterken en duidelijke afspraken te maken voor de toekomst. MZ Services staat OR’en bij met persoonlijk advies en een flexibele aanpak die aansluit bij jouw specifieke situatie.
Wat wij voor jou kunnen betekenen:
- Persoonlijk advies over jouw rechtspositie als de OR te laat is betrokken bij een besluit
- Begeleiding bij het opstellen van een formele reactie of negatief advies
- Training op maat zodat OR-leden hun rechten kennen en zelfverzekerd kunnen handelen
- Ondersteuning bij het maken van afspraken met de bestuurder over het medezeggenschapsproces
We denken graag met je mee, of het nu gaat om een acute situatie of om het structureel versterken van jouw OR. Neem contact op en ontdek wat wij voor jouw ondernemingsraad kunnen doen.
