
Als ondernemingsraad heb je belangrijke rechten om mee te denken over beslissingen binnen jouw organisatie. Het adviesrecht is een van de krachtigste instrumenten die je hebt, maar wat doe je als de ondernemer jouw advies volledig negeert? Dit komt helaas regelmatig voor en kan frustrerend zijn voor OR-leden die zich serieus inzetten voor hun rol.
Gelukkig ben je als ondernemingsraad niet machteloos. Er zijn concrete stappen die je kunt ondernemen en juridische mogelijkheden om jouw rechten te beschermen. In dit artikel leggen we uit wat je precies kunt doen wanneer de ondernemer het advies van de OR negeert en hoe je effectief kunt reageren.
Wat houdt het adviesrecht van de ondernemingsraad precies in?
Het adviesrecht van de ondernemingsraad is het recht om vooraf advies uit te brengen over bepaalde besluiten van de werkgever, voordat deze worden genomen. Dit recht is vastgelegd in artikel 25 van de Wet op de ondernemingsraden (WOR) en geldt voor belangrijke onderwerpen zoals reorganisaties, fusies en investeringen.
Het adviesrecht verschilt van het instemmingsrecht doordat de ondernemer jouw advies wel moet vragen en serieus moet overwegen, maar er uiteindelijk van mag afwijken. Bij het instemmingsrecht daarentegen kan de ondernemer niet zonder jouw toestemming een besluit nemen. Het adviesrecht geldt voor strategische beslissingen die grote impact hebben op de organisatie en de werknemers.
Voorbeelden van onderwerpen waarvoor het adviesrecht geldt, zijn het sluiten of verplaatsen van de onderneming, een belangrijke inkrimping of uitbreiding van werkzaamheden, ingrijpende wijzigingen in de organisatie en het aangaan van duurzame samenwerking met andere ondernemingen. Ook bij belangrijke investeringsbeslissingen heeft de OR adviesrecht.
Welke verplichtingen heeft de ondernemer bij het vragen van advies?
De ondernemer heeft meerdere wettelijke verplichtingen wanneer hij advies vraagt aan de ondernemingsraad. Hij moet tijdig en volledig informeren, voldoende tijd geven voor de adviesvorming en het advies zorgvuldig overwegen voordat hij een definitief besluit neemt.
Tijdige informatieverstrekking betekent dat de ondernemer de OR moet informeren zodra het voornemen bestaat om een besluit te nemen, en niet pas als alles al is uitgedacht. De informatie moet volledig zijn: alle relevante documenten, financiële gegevens en overwegingen moeten worden gedeeld. De ondernemer mag geen belangrijke informatie achterhouden die relevant is voor de adviesvorming.
Daarnaast moet de ondernemer de OR voldoende tijd geven om een gedegen advies voor te bereiden. Wat ‘voldoende tijd’ is, is niet wettelijk bepaald, maar hangt af van de complexiteit van het onderwerp. De ondernemer moet ook bereid zijn vragen te beantwoorden en eventueel aanvullende informatie te verstrekken tijdens het adviesproces.
Na ontvangst van het advies moet de ondernemer dit zorgvuldig overwegen en gemotiveerd reageren. Hij moet aangeven of hij het advies overneemt en, zo niet, waarom niet. Deze motivatie moet serieus en inhoudelijk zijn, en niet slechts een formaliteit.
Hoe kan de ondernemingsraad reageren als advies wordt genegeerd?
Als de ondernemer jouw advies negeert, kun je als ondernemingsraad verschillende stappen ondernemen. Begin met het voeren van een gesprek om de motivatie van de ondernemer te begrijpen en probeer alsnog tot overeenstemming te komen. Documenteer alle communicatie zorgvuldig voor eventuele vervolgstappen. Overigens mag de ondernemer, wanneer hij het OR-advies niet overneemt, gedurende een maand na de dagtekening van zijn besluit, geen uitvoering geven aan dit besluit. Deze opschortingstermijn van een maand dient twee doelen.
Het eerste doel is om OR en onderneming de mogelijkheid te bieden van het aangaan van de dialoog. Vraag de ondernemer hierbij om een heldere uitleg waarom het advies niet is overgenomen. Soms blijkt er sprake van een misverstand of zijn er nieuwe ontwikkelingen die de ondernemer tot een ander standpunt hebben gebracht. Een open gesprek kan veel oplossen en toont aan dat je constructief wilt meedenken.
Als het gesprek niet tot een oplossing leidt, komt het tweede doel in beeld: je kunt een verzoekschrift laten opstellen door een advocaat, gericht aan de Ondernemingskamer van het Gerechtshof in Amsterdam. In dit verzoekschrift vermeld je waarom je vindt dat de ondernemer in redelijkheid niet tot het besluit, dat afwijkt van het OR-advies heeft kunnen komen. Deze procedure is geregeld in artikel 26 WOR. Let op: voor het indienen van zo’n verzoekschrift geldt een fatale, wettelijke termijn van een maand.
De juridische procedure bij geschonden adviesrecht?
Bij geschonden adviesrecht heeft de ondernemingsraad verschillende juridische mogelijkheden. Je kunt een procedure starten bij de Ondernemingskamer van het Gerechtshof Amsterdam, maar ook de bedrijfscommissie inschakelen voor bemiddeling.
De meest gebruikte juridische route is een procedure bij de Ondernemingskamer. Deze gespecialiseerde rechtbank behandelt onder andere geschillen tussen ondernemingsraden en ondernemers. Je kunt een verzoek indienen om het besluit van de ondernemer nietig te verklaren als het adviesrecht is geschonden. De Ondernemingskamer kan ook een voorlopige voorziening treffen om te voorkomen dat de ondernemer het betwiste besluit uitvoert voordat er een definitieve uitspraak is.
Wanneer je de zaak wel juridisch wilt laten toetsen, maar niet zo ver wilt gaan om een verzoekschrift bij de Ondernemingskamer neer te leggen, kun je ook de bedrijfscommissie inschakelen. Deze kan bemiddelen tussen de OR en de ondernemer en proberen tot een oplossing te komen zonder dat er een rechtszaak nodig is. Dit is vaak sneller en minder belastend voor de arbeidsrelatie, maar de bedrijfscommissie kan geen bindende uitspraken doen.
Wanneer is het zinvol om externe hulp in te schakelen?
Het is zinvol externe hulp in te schakelen wanneer de kwestie complex is, er veel belangen op het spel staan, of wanneer de relatie met de ondernemer dusdanig verstoord is dat bemiddeling nodig is. Ook bij herhaaldelijke schendingen van het adviesrecht is professionele ondersteuning aan te raden.
Externe hulp is vooral waardevol bij complexe juridische vraagstukken. Als je twijfelt of er daadwerkelijk sprake is van een schending van het adviesrecht, kan een specialist dit beoordelen. Zij kunnen ook inschatten wat de kansen zijn bij een eventuele rechtszaak en welke strategie het meest effectief is.
Ook bij grote reorganisaties, fusies of overnames is externe ondersteuning vaak noodzakelijk. Deze processen zijn juridisch complex en hebben grote gevolgen voor de werknemers. Een ervaren adviseur kan je helpen de juiste vragen te stellen, de documentatie te beoordelen en een gedegen advies voor te bereiden.
Daarnaast kan externe hulp waardevol zijn voor het verbeteren van de samenwerking met de ondernemer. Soms zitten partijen zo vast in hun standpunten dat een neutrale bemiddelaar nodig is om tot een oplossing te komen. Een externe adviseur kan helpen de communicatie te verbeteren en afspraken te maken voor de toekomst.
Hoe MZ Services helpt bij geschonden adviesrecht
Wij ondersteunen ondernemingsraden die te maken krijgen met ondernemers die hun adviesrecht negeren. Onze ervaren adviseurs helpen je om:
- Je juridische positie te beoordelen en te bepalen of er sprake is van een schending
- Een strategie te ontwikkelen voor het aanpakken van het probleem
- Formele reacties op te stellen en juridische procedures voor te bereiden
- Te bemiddelen tussen de OR en de ondernemer om tot een oplossing te komen
- Afspraken te maken voor betere samenwerking in de toekomst
Als flexibele partner bieden wij maatwerk advies dat aansluit bij jouw specifieke situatie. Of het nu gaat om een eenmalig incident of om structurele problemen met de ondernemer, wij denken met je mee over de beste aanpak. Neem contact met ons op om te bespreken hoe wij jouw ondernemingsraad kunnen ondersteunen bij het waarborgen van jullie rechten.
